De Oud Rotterdammer Week 28 - page 1

Er was eens… een Rot-
terdamse rakker met vele
schurkenstreken, maar ook
met ongelofelijk veel humor.
In Crooswijk geboren en
luisterend naar de naam Henk
Kranendonk. Hij is goed voor
meerdere boeken vol streken,
grappen en grollen. Ging één
keer zo’n streek te ver? Mis-
schien, hij is jaren geleden
verdronken in een slootje in
de buurt van Capelle aan den
IJssel. Een sloot met nauwe-
lijks een halve meter water.
Vreemd, want hij kon zwem-
men als een rat. We noemen
dat dan ook: ‘gestorven onder
verdachte omstandigheden’.
En dat klopt dan weer, want
verdachte was Henk wel
vaker.
‘Kraan’, de bijnaam die hij zelf
ook graag gebruikte, had een grote
algemene ontwikkeling en sprak ver-
schillende talen vloeiend. Zijn sappige
Crooswijks was razendsnel, niet te
kopiëren en doorspekt met humor.
Kraan was een boef, maar geen grote.
Kleine vergrijpen, een beetje oplich-
ten, knollen voor citroenen verkopen.
De gedupeerde was wel eens een
maandje kwaad op hem, hij moest wel
eens een poosje ‘onderduiken’ en soms
kreeg hij klappen. Meestal vergaf de
‘gedupeerde’ hem zijn vergrijp als hij
weer een nieuwe grap hoorde.
Café Koos Trotsenburg
De laatste keer was het dus ernst en
eindigde zijn leven in een slootje. Dat
is nu ruim dertig jaar geleden en het
was de enige keer dat zijn gezicht, met
gesloten ogen, op televisie werd ge-
toond. Met de vraag: “Wie kent deze
man?”, toonde de opsporingsdienst
van de politie deze morbide foto op
beide netten. Prime time, op zaterdag,
maar geen reacties! Hoe is het mo-
gelijk, als je weet dat half Rotterdam
hem kende.
Maar goed, op de televisie werd hij
niet herkend en de politie heeft zijn
lichaam laten begraven. In de week
daarna meldde zich toch een fami-
lielid, het lichaam werd opgegraven,
herkend als Kraan en is daarna gecre-
meerd. Begraven én gecremeerd, dát
is zelfs Tijl Uilenspiegel niet gelukt.
Hij dolde van de stad, café Koos Trot-
senburg, tot op zuid, café ‘t Haantje.
Iedereen kende Kraan.
Kraan flikte van alles, had zelfs wel
eens brutaalweg contact gezocht met
Prins Bernhard en nog gekregen óók.
Hij zat in 1959, zonder dat ‘ie er ook
maar iets te zoeken had, op de reserve-
bank van het Nederlands elftal tijdens
een vriendschappelijke wedstrijd
tegen West Duitsland in Keulen (7-0).
“Wie is die man?”, vroeg bondscoach
Elek Schwartz toen hij Kraan op de
bank zag zitten. Niemand zei wat,
maar Cor van der Gijp wist wel beter.
Hij had Kraan opgestookt. De twee
kenden elkaar uit Café Jan Linssen
waar ze altijd aan het ‘dollen’ waren
‘Verletzspieler’ had Kraan tegen de
Duitse suppoost gezegd en ging op de
bank zitten. De coach liet het maar zo
in de eerste helft.
In café Koos Trotsenburg zat hij eens,
behoorlijk beschonken, aan de bar
naast onze columnist Gerard Cox. Na-
tuurlijk kende Cox hem en hij leerde
hem nu ook van een andere kant
kennen. Kraan begon Gerard zwaar te
beledigen en die lachte maar wat en
dacht: ‘ach, hij is dronken’.
Tegen sluitingstijd zei Kraan: “Kijk
Gerard, ik heb vanavond je incas-
seringsvermogen op de proef gesteld.
Grote artiesten moeten tegen kritiek
kunnen. Jij bent een groot artiest en
nu zullen we zien of je ook tegen
harde kritiek kan. Breng mij even met
de auto naar de Noorderhavenkade
vriend, daar slaap ik.” Gerard bracht
hem weg en Kraan lachte stiekem naar
de achterblijvers toen hij de kroeg
uitliep.
Legia Warschaw
In 1970 ging Kraan met een paar
vrienden in de auto naar de Euro-
pacupwedstrijd van Feyenoord in
Warschau tegen Legia, voor de halve
finale in Feyenoords unieke
Europacupjaar. De mannen,
Henk Kranendonk, Thomas
Haak en Rob Jacobs kwamen,
na een nacht doorrijden, met
ongewassen en ongeschoren koppen
bij de grens en sloten aan in de file
voor het ‘IJzeren Gordijn’. De nauwe
toegang tussen de rollen prikkeldraad
door kwam langzaam dichterbij, de
Rotterdammers in de auto schuifelden
onrustig heen en weer. Dit gezelschap
hield niet van uniformen, hadden daar
vrijwel allemaal mee te maken gehad
en dat had altijd een vervelend gevolg.
Vopo
Een grote geüniformeerde Vopo
(Volkspolizei) met een zwaar wapen
voor de borst en een pet met rode rand
diep over het toch al lage voorhoofd
getrokken, inspecteerde elke auto met
de instelling van de vijand. Achter
het stuur Thomas Haak en naast hem
Henk. Thomas werd nerveus, Henk
zat rustig. Eindelijk staat de grens-
wacht naast de auto van de Rotter-
dammers en gebaart nors dat het raam
open moet. Thomas gehoorzaamt met
zweet op zijn voorhoofd. De Oost-
Europeaan buigt zich voorover en zegt
met barse stem: “Czy maja panowie
coš do oclenia?” (Hebben jullie iets
aan te geven?). Thomas bezwijkt bijna
en hijgt naar Kraan, wiens talenknob-
bel hij hoog acht: “Wat zegt ‘ie Henk,
wat moet ‘ie?”
Historische woorden
Toen sprak Henk met een bewonde-
renswaardige rust de werkelijk his-
torische woorden: “Hij vraagt spons
en zeem, want hij wil je voorruit effe
lappen.” Thomas schoot bijna onder
het dashboard. De grote grenswacht
gebaarde dat ze mochten doorrijden
en wees op het bordje vijf kilometer:
“Nie jechac szybciej niz 5 (piec)
kilometrow na godzine” (Niet harder
dan vijf kilometer). “Wat zegt ‘ie nou
weer, Henk?”, piepte Thomas.
“Plankgas”, vertaalde Kraan en zo
reden ze het Oostblok binnen.
Nico Tempelman
Met ‘Kraan’ door het IJzeren Gordijn
De Oud
Dinsdag 11 juli 2017 . Jaargang 13, nr.14
Deze week o.a.:
Charley, de
reclameman
Pag. 3
Ronde van
Feijenoord
Pag. 5
Op reis
naar Parijs
Pag. 9
Fanatieke
Feyenoordfan
Pag. 15
V.l.n.r.: Rob Jacobs (voetballer/trainer),Aad Veerman (bokser),Henk Kranendonk en Guus Haak (toen nog Feyenoorder).
Oplage: 122.000 ex.
Grafstenen • Zerken • Complete graven • Rotsen • Glasmonumenten
Betaalbaar bijzonder en zeer creatief en persoonlijk
Bezoek onze
showroom
op afspraak
Meeuwensingel 101 • Capelle aan den IJssel • Tel. 010 75 28 837
facebook.com/deoud.rotterdammer.9
De Oud
1 2,3,4,5,6,7,8,9,10,11,...20
Powered by FlippingBook