Op verkenning op de step

16 september 2015, door Fred Wallast

pijnackerplein step

Het is 1952 en ik ben 5 jaar oud, geboren in de 1e Pijnackerstraat 79 in een winkelpandje met daarachter een huiskamer en slaapkamertje. Als ik na elf weken uit het kinderziekenhuis kom, krijg ik van mijn oom Piet Huibers  (oprichter van de Marskramer) een heuse step met luchtbanden cadeau. Maar wij hebben achter een piepklein plaatsje, dat niet zo erg geschikt is om te steppen. Ik krijg toestemming om buiten te spelen, als ik maar op de stoep blijf. Mijn avontuur en ontdekking kon beginnen.Eerst tot de hoek Pijnackerdwarsstraat, in de richting Zwartjanstraat en weer terug tot aan de Zaagmolenstraat. En ja hoor, bij slager Mulder op de hoek linksaf, langs de tramhalte van lijn 22 en 10, langs Correct dan linksaf de Zaagstraat. Als je dan maar op de stoep blijft, zie je aan de rechterkant het Pijnackerplein met de muziektent. Al doorsteppend weer tweemaal linksaf en je hebt een blokje gereden en bent keurig op de stoep gebleven. De volgende keer vraag je of je op het Pijackerplein mag steppen. Wat een ontdekking met die muziektent en het brandweerhuisje en richting de Benthuizerstraat iets van een elektriciteitshuisje en openbare plasgelegenheid waar het altijd stonk. Later in de middag kwamen er grotere jongens voetballen op het plein, maar dat duurde dan tot er geroepen werd: “Juut bal in je zak’. En daar kwam de wijkagent ‘Schilder’ op de fiets de hoek om. Soms was de bal snel in veiligheid gebracht en als dat niet op tijd lukte, nam hij hem mee onder zijn snelbinders met de mededeling dat de eigenaar hem op woensdagmiddag op bureau Zwaanshals kon komen halen. Als ik vakantie had, ging ik dinsdagochtend zo vroeg mogelijk naar het plein, want dan was er kippenmarkt. Het was voornamelijk pluimvee en ook konijnen en hazen. Vooral tegen de feestdagen werden er zaken gedaan tussen handelaren en poeliers. Dat ging dan met handjeklap. Als de zaken gedaan waren, werd er afgerekend in een café; daar waren er zat van in het Oude Noorden.
Op Koninginnedag en bij andere bijzondere gelegenheden werd ’s morgens om 08.00 uur de vlag gehesen op de muziektent en daar moest ik natuurlijk ook bij zijn. Veel optochten, begeleid door muziekkorpsen, werden daar opgesteld en zo ging deze jongen natuurlijk achter de muziek aan, nog net niet naar Gouda, zoals men toen zei. Ook herinner ik me dat er op die dagen wagenspelen werden opgevoerd. Wanneer er orkesten kwamen voor muziekuitvoeringen haalde men de stoelen onder het podium vandaan. Een enkele keer had je het geluk dat je getuige was van het uitrukken van de brandspuit; de vrijwillige brandweer kwam vanuit alle hoeken en gaten aangerend en men probeerde zo snel mogelijk met de handkar de brandhaard te bereiken. Er was altijd wel iets te doen op of rond het Plein waar ik een fijne jeugd heb gehad.

Henk Verburg
haan-eel@hetnet.nl


Dé gratis krant voor
de vijftigplusser!

Advertenties
Het Welzijnswarenhuis