Page 7 - oud rotterdammer week 26

This is a SEO version of oud rotterdammer week 26. Click here to view full version

« Previous Page Table of Contents Next Page »

De grootste wijzigingen zijn op lange termijn. Die betreffen bedrijfspensioenen. Hierover is in de Sociaal-Economische Raad (SER) tussen vakbeweging en werkgevers in principe overeenstem-ming bereikt. De leden van de vakbe-weging moeten dit nog goedkeuren. Ook de parlementaire behandeling kan nog voor (kleine) aanpassingen zorgen. De kern van het pensioenakkoord is dat de pensioenleeftijd – voor zowel AOW als aanvullend pensioen – in 2020 stijgt naar 66 jaar en in 2023 naar 67 jaar. De hoogte van het bedrijfspensioen is niet meer gegarandeerd (thans bijvoorbeeld bij 40 dienstjaren 70 procent van het middelloon), maar kan minder of méér worden door de beleggingsresultaten van

het pensioenfonds. Het komt erop neer dat als het pensioenfonds grotere risico’s durft te nemen met zijn beleggingen, de kans groter is dat er gelijke tred wordt gehouden met de lonen. Maar ook de kans op kortingen wordt groter. Als pensi-oenfondsen kiezen voor een heel veilig beleggingsbeleid dan is de kans groot dat hooguit de inflatie wordt vergoed.

Ingewikkeld

In het huidige pensioenstelsel – het blijft ontzettend ingewikkeld - was dat feitelijk ook al zo: als pensioenfondsen door verkeerde beleggingen langdurig hun dekkingsgraad niet haalden, moeten de pensioenen nu ook gekort worden. Vandaar dat vele ‘pensionado’s’ de laatste

jaren als eersten merkten dat er minder of géén vergoeding werd gegeven voor de prijsstijgingen. Ook andere voorgeno-men maatregelen maken deel uit van het pensioenakkoord:

• In 2020 wordt de pensioengerechtigde leeftijd 66 jaar. In 2023 67 jaar. Wie dan toch met 65 jaar met pensioen gaat (vooral in fysiek zware beroepen) wordt 6,5 procent gekort voor elk jaar dat men vroeger stopt. Daarom wordt de AOW waarschijnlijk vanaf volgend jaar jaar-lijks met 0,6 procent extra verhoogd. De achterliggende bedoeling is dat de mensen die in 2020 tóch op 65 jaar met AOW willen gaan, ongeveer hun huidige koopkracht behouden. • Het gaat ook andersom werken vanaf 2023: besluit men bijvoorbeeld tot zijn 70ste door te werken (zonder pensioen of AOW) dan wordt zijn AOW per jaar 6,5 procent hoger. De AOW bij 70 jaar ligt dus 19,5 procent hoger dan als men kiest om op 67 jaar ‘pensionado’ te worden. Maximaal mag men de AOW vijf jaar uitstellen. De mogelijkheid om de AOW uit te stellen en hoger te krijgen kan waarschijnlijk al over twee jaar.

• Het aanvullende bedrijfspensioen kan in heel veel gevallen ook nu al ‘flexibel’ - dat wil zeggen vroeger (met kortingen) of later (met verhogingen) dan 65 jaar

- worden opgenomen. Die mogelijkhe-den blijven ook op 66 en 67 jaar. Die ‘flexibilisering’ is – net zoals nu - wel afhankelijk van toestemming van de werkgever.

• De huidige regelingen voor vut (ver-vroegde uittreding vóór 65 jaar) en vroegpensioen lopen allemaal af. • De pensioenpremies (vaak een derde ten laste van de werknemers en tweederde ten laste van de werkgevers) stijgen niet meer (bij slechte resultaten van het pen-sioenfonds), maar dalen ook niet meer (in goede tijden). Het risico van slechte beleggingsresultaten wordt meer bij de werknemers gelegd. Er is bij rampza-lige ontwikkelingen nog een uitweg om via CAO-onderhandelingen toch nog hogere pensioenpremies (thans al circa

20 procent van de totale loonlasten) te bewerkstelligen.

• Maatregelen worden genomen om de arbeidsmarkt voor ouderen te verbe-teren.

Over deze pensioenplannen op langere termijn is het laatste woord nog lang niet gezegd. Het gevaar blijft dat de politiek en ook de CAO-partners later toch weer tot andere conclusies komen. Vooralsnog lijken echter de voorgenomen veranderin-gen onontkoombaar. Ze zullen misschien nog wel op onderdelen iets worden bijge-steld. Er is geprobeerd het pensioen van de werknemers met de laagste inkomens in de toekomst op hetzelfde niveau te handhaven. Voor de reeds gepensioneer-den verandert er heel weinig.

De Oud-Rotterdammer - De krant voor de 50-plusser Dinsdag 28 juni 2011 pagina 7

Hans Roodenburg

Opinie

Informatie

Opinie

& Opinie Informatie

Vragenrubriek voor lezers over uitkeringen, consumentenzaken, rechten (zoals erfrecht), belastingen en andere financiële zaken. Uw vragen worden anoniem in deze uitgave behandeld en onze deskundigen zullen proberen u persoonlijk een maatwerkantwoord te geven. U kunt uw kwesties sturen naar info@deoudrotterdammer.nl of naar Postbus 113, 2910 AC Nieuwerkerk aan den IJssel. Graag met vermelding van rubriek ‘Rechten en Plichten’.

Een laatste mooie bloemenwens Brands, Crooswijkseweg

www.uitvaartbloemisterij.nl

Het duizelt de meeste mensen als zij moeten begrijpen welke pensioenveranderingen hen te wachten staan. Eén ding is wel duidelijk: voor de huidige gepensioneerden verandert er niet veel. Een poging om helder te krijgen wat er voor de mensen verandert die vanaf 2020 met pensioen gaan.

In de AOW en in de pensioenen gaat veel veranderen. Het meeste op langere termijn. Op zeer korte termijn, per 1 juli 2011, worden de AOW-bedragen per maand iets – voor een alleenstaande bruto ruim 7 euro (netto circa 6 euro) – verhoogd. Na augustus worden partners met een gezamenlijk bruto inkomen van meer dan 20.000 euro per jaar waarschijnlijk gekort (met 8 procent) op de toeslag die zij krijgen, als één van de twee jonger dan 65 jaar is en geen of weinig inkomen heeft. Per 2015 wordt de toeslag voor nieuwe gevallen geheel afgeschaft!

Sociale voorzieningen

Zorgtoeslag en tegemoetkoming

Wij ontvangen dit jaar voor het eerst de zorgtoeslag, maar mijn man krijgt ook geld terug vanwege zijn chronische ziekte. Wordt het bedrag dat wij voor zorgtoeslag krijgen hierdoor verminderd?

De zorgtoeslag en de tegemoetkoming voor chronisch zieken staan los van el-kaar. De zorgtoeslag krijgt u maandelijks van de Belastingdienst uitgekeerd. De tegemoetkoming chronisch zieken wordt door CAK eenmaal per jaar in december uitbetaald. Overigens zou het kunnen dat de zorgtoeslagen weer ter discussie komen vanwege de noodzakelijke bezui-nigingen in de zorg.

Delicaat punt bij lijfrente in bijstand

Ik ben 62 jaar, gescheiden en heb een bijstandsuitkering. Het ziet ernaar uit dat een levensverzekering wordt uitgekeerd op mijn 64ste. Deze verzekering is tijdens mijn huwelijk van 31 jaar opgebouwd en bij de scheiding stopgezet en op mijn naam gezet. Is het mogelijk dat ik met de verzekeringmaatschappij overeen kan komen dat deze pas wordt uitgekeerd op mijn 65ste jaar?

Het gaat er in de eerste plaats om wat voor soort verzekering het is. Een levens-verzekering is op het leven van iemand en wordt pas na overlijden uitgekeerd aan de begunstigde. Maar waarschijnlijk bedoelt u een zogenoemde gemengde verzeke-ring, die tegenwoordig eigenlijk meer

‘lijfrente’ heet. Het hangt er ook weer van af welke soort lijfrente het is en wanneer zij is afgesloten. Als de lijfrente wordt uitgekeerd terwijl u een bijstandsuitkering hebt, dan gaat het vrij te laten vermogen een rol spelen. Dat betekent dat als u het kapitaal van de lijfrente krijgt uitgekeerd, u daarop eerst moet interen tot het vrij te laten vermogen van een alleenstaande. Dat bedraagt (dit jaar) 5555 euro. Derhalve is het aan te raden bij de verze-keringsmaatschappij nu al na te gaan of de uitkering van de lijfrente kan worden verschoven naar uw 65ste jaar. Dat kun-nen wij niet beoordelen, doordat wij de polisvoorwaarden niet kennen. Maar leg de vraag gewoon voor aan de verzeke-ringsmaatschappij en ook dat u niet wil dat u door de lijfrente wordt gekort op de bijstandsuitkering. De verzekeraar zal

proberen u zoveel mogelijk te helpen. Zij heeft ongetwijfeld al eerder met dit soort situaties te maken gehad. Een delicaat punt is dat u dit potentieel te verkrijgen vermogen voor uw 65ste ook had moeten opgeven toen u de bijstandsuitkering bij de sociale dienst in uw gemeente aan-vroeg. Als de sociale dienst erachter zou komen, hoe u hiermee bent omgegaan, kunt u hierover ook nog wel eens moei-lijkheden krijgen.

Financiële zaken

Huis goedkoper aan zoon verkopen

Ik ben in het bezit van een woning die bijna hypotheekvrij is, met een getaxeerde waarde van 185.000 euro. De WOZ-waarde bedraagt 182.000 euro. Mag ik

mijn woning aan mijn zoon verkopen voor 165.000 euro zonder problemen? Of krijg ik te maken met belastingen en schenkingen?

U zou het kunnen proberen. Er zit wel een zekere schenking aan uw zoon in, waar-voor overigens fiscaalvrije schenkings-regelingen zijn te treffen. Bij een notaris - met wie u overigens ook bij de verkoop van het huis te maken krijgt - kunt u daarover meer informatie inwinnen en de beste manier afspreken om uw huis over te dragen. Met de WOZ-waarde blijft uw zoon te maken krijgen, doordat hiervan ook de onroerendgoedbelasting en de hoogte van de eventuele hypotheekaftrek wordt afgeleid. Van groot belang is ook of u zelf in het huis blijft wonen. Leg uw kwestie voor aan een notaris.

Wijzigingen in pensioenland onontkoombaar

AOW-pensioen Bruto per maand Bruto vakantie-uitkering

per 1 juli 2011 per maand

Gehuwden of partners per persoon,

ouder dan 65 jaar €748,55 (€743,60) €40,70 (€41,87)

Gehuwden met maximale toeslag

(partner jonger dan 65 jaar) €1464,01 (€1454,11) €81,40 (€83,74)

Maximale toeslag €715,46 (€710,51)

Alleenstaand €1074,83 (€1067,47) €56,98 (€58,62)

Dit zijn de bedragen sinds 1 januari 2011. De vakantie-uitkering wordt in mei uitbetaald. De maandbedragen zijn inclusief Koopkrachttegemoetkoming Oudere Belastingplichtigen (KOB). De netto AOW hangt af van het al dan niet verrekenen van de heffingskorting. Mét heffingskorting houdt een alleenstaande netto €991,54 over, beide partners ouder dan 65 jaar ieder netto €690,54 en iemand met de volledige toeslag vooralsnog netto €1267,14. Bron: Sociale Verzekeringsbank.

Page 7 - oud rotterdammer week 26

This is a SEO version of oud rotterdammer week 26. Click here to view full version

« Previous Page Table of Contents Next Page »