De Oud Rotterdammer Week 8 - page 3

De Oud-Rotterdammer - De krant voor de 50-plusser
Dinsdag 20 februari 2018
pagina 3
Een schoolplein is geen openbare
ruimte. Het schoonhouden ervan is de
verantwoordelijkheid van de school
zelf. Met die kennis op zak bezocht ik
de school. De directeur ergerde zich
aan een vervuild schoolplein. Leer-
krachten zei hij, hadden hun leerlingen
er meermalen op gewezen dat zij voor
lege snoepzakjes/wikkels, lege blikjes
en flesjes de prullenbakken moesten
gebruiken die in de school stonden.
Aan dat verzoek werd dan enige
tijd voldaan. Maar al gauw koos de
goegemeente in de pauze weer voor
de gemakkelijke manier. Gewoon
de rotzooi uit je handen laten vallen
of in de begroeiing langs het plein
gooien. Nadat we samen de ontsierde
entourage van het schoolplein hadden
aanschouwd, werd mij het verzoek
duidelijk. Overal op het plein zwier-
ven overblijfselen van in de school-
kantine verkochte snoeperijen. Maar
voor dat afval was op het schoolplein
geen enkele afvalbak te bekennen.
De directeur vroeg of wij een aantal
afvalbakken met stimulerende op-
schriften op het plein wilden plaatsen.
Zo kon men leerlingen erop wijzen
daar tijdens de pauze hun afval in te
deponeren. Ik vertelde dat de school-
leiding zelf verantwoordelijk was voor
het schoolplein, maar dat de reini-
gingsdienst kosteloos voor de school
afvalbakken kon plaatsen. Met als
enige voorwaarde dat de school zelf
voor het leegmaken moest zorgen.
Boetedoening
De school had een grote afvalcon-
tainer, waar het verzamelde afval
probleemloos in gekiept kon worden.
Maar wie, oh wie moest hij op zijn
school met dat leegmaken belasten,
vroeg de directeur zich af. De vaste
schoonmakers, realiseerde hij zich,
reinigden alleen het interieur in
school. Al pratend dacht hij aan een
soort boetedoening voor leerlingen die
zich hadden misdragen. Daarbij had
ik, door ervaring gelouterd, de nodige
bedenkingen. Ik opperde een mogelijk
beter idee. In andere scholen had men
vastgesteld dat het opruimen van eigen
rommel geen straf moet zijn, maar
een vaste gewoonte moest worden. Zij
hadden daarvoor een rooster, zodat ie-
dereen op school een keer aan de beurt
kwam voor corvee. Dat lukte wonder-
wel. Een leuke bijkomstigheid was dat
sociale controle op gang kwam. Men
ging op elkaar letten om geen rotzooi
te maken. Want minder opruimen van
weggegooid afval op het schoolplein
en omgeving betekende gewoon
minder werk, en meer vrije tijd. Dat
werkte prima. De directeur vond het
een goed idee en wilde het direct op
zijn school toepassen. Na overleg met
zijn leerkrachten werden afvalbakken
geplaatst en een werkrooster gemaakt.
Het probleem van het vervuilde plein
leek opgelost.
Verbaasd
Tot mijn verbazing kreeg ik na enige
weken het verzoek de afvalbakken
maar weer weg te halen. Op een ou-
deravond had de directeur van ouders
het verwijt gekregen dat hun kinderen
wel op school waren om iets te leren,
maar niet om vuilnismannetje te spe-
len. Kinderen hadden bij hun ouders
geklaagd over het opgedragen corvee.
De directeur had er geen antwoord op
en had ouders beloofd het corvee te
stoppen en de bakken te laten wegha-
len. De man was lichtelijk aangeslagen
en wist zich met zijn figuur geen raad.
Dat heb ik nog eens versterkt door met
verbazing in mijn stem te zeggen altijd
gedacht te hebben dat een school een
opvoedkundig instituut was. En dat
volgens mij milieubeheer en opruimen
van eigen rommel een prima begin
zou zijn en goed in dat leerproces zou
passen. Als door een wesp gestoken
hield hij vol dat de school natuurlijk
een educatieve instelling is. Dat het
overbrengen van de meest elementaire
kennis de hoofdzaak is en schoon-
houden van het plein eigenlijk niet
in het leerplan paste. Waarop ik zeer
verwonderd zei: “Meneer, ik ben van
mening dat iemand die zijn eigen rom-
mel niet achterlaat op plaatsen waar
het niet hoort, geen vuilnismannetje is
maar gewoon een net opgevoed, mili-
eubewust persoon. Echte vuilnisman-
nen ruimen dagelijks de rommel van
anderen op.” De afvalbakken werden
weggehaald. De opzichter, zeer onte-
vreden over de gang van zaken en een
ervaring rijker, sloot dit incident met
gemengde gevoelens af. Gelukkig is
het milieubewust handelen tegenwoor-
dig, weliswaar nog niet voldoende,
maar wel sterk verbeterd.
M. Zuijdweg
Afval opruimen soms onoverkomelijk probleem
Halverwege de jaren 70 moest ik als reinigingsopzichter voor
een gesprek naar een middelbare school in Zuid. De schooldirec-
teur had bij de reinigingsdienst geklaagd over afvalproblemen op
het schoolplein.
Afval opruimen lijkt zo simpel...
Ja, je had vanuit het buitenland natuur-
lijk wel commerciële zenders die
hun inkomsten op die manier veilig
stelden - radio Luxemburg die we met
een kristalradiootje konden beluisteren
met commercials voor Babychamp,
een klein formaat champagnefles -
maar in ons land was de commercial
al bij voorbaat in de ban gedaan. Ik
kan me een opname van Wie van de
drie herinneren, waarin ik figureerde
als een van de nepgoochelaars, die na
de onthulling van de ware goochelaar
moest vertellen wie ik was en wat ik
voor de kost deed. Het was uit den
boze dat er bedrijfsnamen genoemd
werden. Daarom formuleerde ik het in
die tijd voorzichtig met de woorden:
‘Werkzaam bij een instituut voor
schriftelijk onderwijs te Rotterdam,
nader adres overbodig’. Het ligt voor
de hand dat ik op het randje van
een ravijn balanceerde en lange tijd
vreesde dat de uitzending om deze
reden werd geschrapt. De publieke
omroepen waren echter ook hypocriet,
want lange tijd zond de VARA een
reclame van het NVV uit, waarbij een
tramconducteur, ene Gijs, langs de
weg, de zegeningen van ‘het Neder-
lands Verbond van Vakverenigingen’
mocht bejubelen.
Het Rotterdams Opera Koor
Toen ik in 1962 zowel lid was van het
befaamde Rotterdams Opera Koor
(ROK) als van de afdeling Maas-
stad van de Miniatuur Jeugdomroep
Minjon van de AVRO, bedacht ik dat
een uitzending over het operakoor best
te realiseren was als klankbeeld voor
de jeugdomroep. Ik kreeg toestem-
ming om met mijn Philips vierspo-
renbandrecorder aan de gang te gaan.
De opnamen zouden plaats vinden
in een oude schoolklas achter groen
geschilderde deuren aan de Graaf
Florisstraat, waar ons koor toenter-
tijd repeteerde. Maar omdat het koor
tegelijkertijd repeteerde was dat geen
goede gedachte als iemand je te woord
moest staan. Uitgeweken naar de gang
werd ook daar echter nog een enorme
galm opgenomen.
Voorzitter Piko maakte duidelijk dat
opera door de relatief hoge toegangs-
prijzen weliswaar iets voor ouderen
was, maar dat hij het aantal jongeren
nu toch op twintig procent van de
concertbezoekers schatte. Maar ook
binnen het koor was er een toename
van jongeren. Dirigent Piet Struijk
vertelde daarna met zijn hese stem dat
de kwaliteiten van het koor ‘boven
alle lof’ verheven waren, om daarna
weer achter de piano plaats te nemen.
Het addertje
Het ruwe opnamemateriaal werd
vakkundig uitzendingsklaar gemaakt
en de AVRO plande het item voor
de donderdagmiddag, zoals alle
programma’s in het kader van ‘Op
de jonge golf’. Daarmee was meteen
een levensgroot probleem geschapen.
Dezelfde donderdagavond en de
volgende vrijdagavond stond het con-
cert van het Rotterdams Opera Koor
geprogrammeerd. In de Rotterdamse
Rivièrahal. Dat had natuurlijk zwaar
de geur van sluikreclame. Hilversum
in rep en roer. De uitzending vond
plaats, maar ik kreeg wel te horen dat
mij dit zeer kwalijk genomen werd.
Herman Broekhuizen, de Grote Roer-
ganger van Minjon, liet mij persoon-
lijk weten dat ‘hij hiervan niet gediend
was’. Mijn toekomst bij de radio was
verkeken. Althans, bij de AVRO. Zelfs
de naam Veronica, geducht concurrent
voor alle traditionele radio-omroepen
werd in een programma over Rotter-
dam van de drie Rotterdamse Minjon-
afdelingen genadeloos geschrapt.
Censuur?
Het Nieuwjaarsconcert van 6 januari
van het ROK is inmiddels weer achter
de rug en gelukkig bleek dat ook zon-
der extra reclame een grote menigte de
weg naar De Doelen had gevonden.
John Collee
Gerard Cox slaat deze keer even
over met z’n column vanwege
ziekte.
Verboden woord in omroepland
Wie tegenwoordig ziet en hoort op welke schaamteloze wijze
reclame wordt gemaakt voor de eigen programma’s en allerlei
uitingen ernaast, zoals muziekfestijnen, kan zich niet voorstel-
len dat in de jaren vijftig en zestig ‘reclame’ het smerigste woord
was dat in Hilversum te beluisteren viel.
Rotterdams Opera Koor
1,2 4,5,6,7,8,9,10,11,12,13,...24
Powered by FlippingBook