De Utrechter Week 14 - page 13

Het is 1967 en tussen Kerst en Oud
en Nieuw houdt het Bonifatiuslyceum
hier het jaarlijkse tafeltennistoernooi.
In het dubbelspel kom ik, samen met
Jos, tot de halve finale. Daarin is het
beruchte Iduna-koppel Ad van Liempt
en Gerard Veerkamp te sterk voor ons.
Als ik met mijn bezwete hoofd in de
bedompte garderobe mijn jas pak,
staat er opeens een vriendin van C.
naast mij. Ze moet de boodschap
overbrengen, dat C. die avond op het
slotfeest graag met mij wil dansen. Ik
voel me vereerd.
Dansles
Ik ken C. al van de dansles bij Zeegers
in de Breedstraat. Aan het einde van
de vrijdagmiddag zaten de jongens in
het pak aan de ene zijde van de wacht-
ruimte, de meisjes in een mooie jurk
aan de andere zijde. Als de dansleraar
in de deuropening verscheen zei hij,
de laatste knoop van zijn colbert dicht-
makend: “Heren, mag ik u verzoe-
ken…” Nog voor hij het eerste woord
had uitgesproken stoven wij, jongens,
naar de overkant, strijdend om de hand
van de populairste meisjes.
Mijn oog was altijd gericht op C.,
maar ik had een flinke concurrent
in een rossige hbs’er. Na een aantal
weken besliste C. de strijd in mijn
voordeel. Toen mijn concurrent eerder
was, zei C.: “Het spijt me, ik heb al
afgesproken met Arnold.” Ik wist van
niets, maar sindsdien begon ik elke
vrijdag de dansles met C. Totdat de
leraar riep: “Changez!”
Niet toegestaan
Op het schoolfeest, die avond in de
fratersschool, hoeven C. en ik niet van
partner te wisselen. In een danspauze
wijst ze me op ‘een leuk woordje’ op
het flesje Seven-Up: Kiss. Ik pak de
hint niet op. Zoenen op schoolfeesten
is niet toegestaan. Er zijn leraren aan-
wezig om de regels te bewaken.
Aan het einde van de avond verlaten
we samen het feest. Ik fiets als vanzelf
met haar mee, richting Overvecht.
Aan de andere zijde van het spoor
staan daar nieuwe flats. Ik ben er nog
nooit geweest. “Breng je met tot de
Tripkade?”, vraagt C. Ik begrijp dat
het niet de bedoeling is dat ik haar tot
de voordeur breng.
Vol op de mond
Op de hoek van de Tripkade blijven
we staan kletsen. Het is stil op straat,
de lucht voelt vochtig koud. Er valt
af en toe een stilte. We staan dicht
bij elkaar en ik vraag me af hoe dit
samenzijn moet eindigen. Ik durf C.
niet lang aan te kijken.
Wat er daarna gebeurt, komt niet
overeen met wat ik wel eens in de
film had gezien: twee gezichten dicht
bijeen en twee paar lippen die elkaar
tergend langzaam naderen. Ik kan niet
zeggen, dat we elkaar een zoen geven.
Dat zou geen juiste weergave zijn.
Het is C. die, na een nieuwe stilte,
mij kordaat een zoen geeft, vol op de
mond. Ik ontvang alleen. Zij doet wat
ik nagelaten heb.
Op het moment dat C. haar lippen
terugtrekt, zeg ik: “Welterusten.”
Ik schaam me direct. Ik wil het woord
weer intrekken, maar het is er al uit.
Pavlov-reactie
Achteraf bezien, was wat ik zei volko-
men begrijpelijk. Het was een Pavlov-
reactie. Jarenlang had ik elke avond
voor ik naar bed ging mijn ouders
een kus gegeven, direct gevolgd door
‘Welterusten’. Zoenen en welterusten
wensen waren onverbrekelijk met
elkaar verbonden.
C. lacht vriendelijk. Als je elkaar lief
vindt, kan je veel van elkaar hebben.
Het blijft op dat moment bij die ene
zoen en we nemen afscheid van elkaar.
Arnold van Dijk
De eerste zoen
Het is benauwd warm in de grote zaal van de fratersschool aan
de Grave van Solmsstraat. Onophoudelijk klinkt het geluid van
pingpongballetjes, van driftige voetbewegingen op de houten
vloer en uitroepen van triomf en frustratie.
De Oud-Utrechter - Dé gratis krant voor de echte Utrechter
Dinsdag 4 april 2017
pagina 13
De eerste kus; een magisch moment
Na zo’n heerlijke dansavond wachtte Arnold van Dijk diens eerste zoen
Natúúrlijk wilden opa en oma graag
komen kijken. Net als héél veel opa’s
en oma’s, papa’s en mama’s, broertjes
en zusjes. Misschien waren er ook
nog wel ooms en tantes en neefjes en
nichtjes. Het was me daar een drukte
op de tribune! Billen bij elkaar en
aanschuiven maar. Er zwommen 44
kinderen af, dus je kan wel nagaan
hoeveel supporters die meenamen.
Ik moest ineens terugdenken aan de
dag dat ik afzwom. Ik was niet, zoals
onze kleinzoon, bijna 6, maar bijna
17! Ik zwom af met mijn zus en broer
in het binnenbad van Naarden en
onze enige supporter was mijn eerste
vriendje. Vader en moeder hadden
het te druk met ons groentenzaakje,
dus vriend mocht ons begeleiden. Ik
schaamde me zo, dat ik tussen al dat
kleine grut stond en toen pas mijn
zwemdiploma A kon halen.
Broer, zus en ik kregen destijds les
met een hengel en kurkjes en die les
werd gegeven door een hele strenge
‘juf’, die best wel veel op een meneer
leek. Ze had een beetje baard en snor,
maar het was wel een juffrouw. Tja,
dat kan, nietwaar. We werden nog
net niet door haar gedrild, maar het
scheelde niet veel. Dan had de juf
ook ineens een hele zware stem en
bulderde; “La-hang...uit-drij-ven!”
Ja, makkelijker gezegd dan gedaan.
Ik was een bangerik, moest altijd de
bodem van het zwembad onder mijn
voeten voelen. Had ik van mijn vader.
Die stoere man deed werkelijk van
alles; wielrennen, schaatsen en hand-
ballen als de beste. Maar zwemmen?
Daar wilde hij niets van weten! Als hij
alleen het water al zag, brak het zweet
hem uit. Was die lieverd al drijfnat
voordat-ie één teen in het water had
gestoken.
Gelukkig was mijn moeder wel een
zwemster en zij heeft met haar drie
zussen zelfs een tijdje aan schoon-
zwemmen gedaan. Hup, ‘knijper(d)
op den neus’ en op met die beentjes!
Moeder vond het toch wel heel
belangrijk dat wij konden zwemmen
en al was ik een angsthaas, daar had
ze dus even géén boodschap aan.
“Niet zeuren nou, jullie gaan samen.
En kijk, die andere twee huilen ook
niet en JIJ bent de oudste!” O ja, die
voorbeeldfunctie...
Ik was zo blij als een klein kind toen
ik mijn A-diploma in handen kreeg en
in ieder geval kon zwemmen. Helaas
maakte mijn vriendje de verkering
niet lang daarna uit. Ik ben bang dat
hij die middag in het zwembad op me
afknapte. Zijn schoonheid tussen de
kleuters werd hem waarschijnlijk iets
teveel.
Sauna
Dat was toen, maar nu, bij Darren,
was het wel even anders. Onder de
klanken van discomuziek liepen de
‘afzwemmertjes’ met voorop een
vrolijke badjuf en -meester door het
zwembad. Ze dansten, sprongen en
zwaaiden en van zenuwen was niets
te merken. Op de tribune was het al
warm, maar het publiek kreeg het nog
warmer, want ach kijk, daar liepen hun
lieverds! Er werd druk gefotografeerd
en gefilmd. Natuurlijk had Darren ons
ook al zien zitten en werd er over en
weer gezwaaid. Naast mij zat ‘andere’
oma die haar vest al uittrok en opa
Cor zat al in zijn T-shirt. Kleine broer
Caelum vond het allemaal prachtig
en klapte van enthousiasme in zijn
handjes. Met hoofden zo rood als
rijpe tomaten zaten we de kunsten
van Darren en de andere kinderen te
bewonderen. Er werd door een bad-
meester gevraagd of we mee wilden
tellen, applaudisseren en juichen. Je
snapt dat de temperatuur op de tribune
daardoor richting ‘saunahoogte’ steeg.
Ik hoorde hier en daar al mensen
vragen; “ Kan ik dit ook uittrekken of
is dat gek?” En “Duurt het nog lang?
Ik trek het niet meer, ik heb dorst!”
Het werd héél onrustig op de tribune.
Iedereen was trots op degene die bene-
den in het water zijn of haar best deed,
maar ik vermoed dat ook iedereen
gráág een duik in het koele water had
willen nemen.
Trots!
Ja! Ze haalden allemaal A, óók onze
Darren. En natúúrlijk hoorden daar na
afloop wat cadeautjes bij. Samen met
Darren’s andere opa en oma, zijn papa
en mama en vrolijke broertje dronken
we een glaasje en aten een hapje om
het feest compleet te maken. En Dar-
ren? Die was, net als wij, trots dat hij
zijn eerste
diploma op
zak had.
Irene Kraaij-
enhagen
Als een vis in het water
Dat was me laatst wat in het
zwembad Safari in Maars-
senbroek. Kleinzoon Darren
mocht afzwemmen. Hij had
het ons al in geuren en kleu-
ren verteld. Het proefzwem-
men was goed gegaan en nu
ging hij voor ‘t ‘eggie’ voor A.
1...,3,4,5,6,7,8,9,10,11,12 14,15,16
Powered by FlippingBook