De Utrechter Week 24 - page 13

Er leek weinig aan de hand. Dus ik
ging gewoon aardappels halen bij
Toonen. Geschrapte aardappels, dan
hoefde mijn moeder die tenminste niet
meer te schillen. Ja, aardappels waren
nog te koop, maar dat zou helaas niet
zo heel lang meer duren!
Boodschappentasje
Toen we net de hoek om waren, bij
bakkerij Van Rossum, kwam ons
een Duitse soldaat tegemoet. Niets
bijzonders, want er liepen wel vaker
soldaten in onze buurt. Wij beseften
toen nog niet, dat zij hier eigenlijk
niets te zoeken hadden. Dit was
trouwens een nogal dom exemplaar,
want hij dacht, dat hij zo breed was als
de stoep. En wij vonden, dat er best
drie personen elkaar konden passeren.
Deze twee verschillende inschattingen
eindigden met de val van Duitsland.
De soldaat, die het niet nodig vond
voor ons opzij te gaan, bleef met zijn
laars in mijn nog lege boodschap-
pentasje haken, struikelde en lag even
later languit op de grond. Zijn Duitse
pet rolde nog een eindje verder over
Nederlands grondgebied. De vloeken,
die daarop volgden, verstonden wij
niet en hopelijk was God ook niet zo
goed in Duits!
Gevoelige nederlaag
Wij, argeloze jongetjes, wilden de pet
oprapen en aan de zielig uitziende
man teruggeven. Zonder pet zag hij er
namelijk nogal slungelig uit. “Liegen
lassen!” schreeuwde hij en pakte de
pet zelf van de grond. Met pet leek
hij tenminste nog ergens op. Toen
kwam hij dreigend op ons af. Er zat
een donkere vlek op zijn broekspijp,
een vlek, die regelrecht inging tegen
het Reinheitsgebot. “Wie heisst du?”
vroeg de soldaat aan mij. Ik haalde
mijn schouders op, omdat ik niet wist,
wat “wieaisdoe” betekende. “Deine
Name!” schreeuwde de soldaat, die
het moeilijk kon verkroppen, dat hij
op een Nederlandse stoep zo’n gevoe-
lige nederlaag had geleden. Ik kende
één Duits woordje en dat was het
woordje “ja”, dus riep ik maar “ja”,
in de hoop, dat dit een goed antwoord
was. “Wass ja?” bulderde de soldaat,
die steeds nijdiger werd. O jee, wat
betekent het woordje “wasja” nou
weer, vroeg ik mij af. De soldaat wist
op den duur niet meer, wat hij met de
situatie aan moest. En inmiddels was
het tafereel bij de buurtbewoners ook
niet onopgemerkt gebleven. Vanuit
zijn groentewinkel keek vader Toonen
met veel interesse om een hoekje naar
het spektakel. Toonen zei nooit veel,
maar je kon aan hem zien, dat hij heel
Duitsland een jarenlange suikerbie-
tenconsumptie toewenste. Al gauw
bleven diverse voorbijgangers staan,
om te kijken, wat er zich afspeelde op
die stoep in de Poortstraat.
Onbegrip
De Duitse soldaat voelde zich steeds
onprettiger worden met al die toe-
schouwers om zich heen. Mijn oude
buurvrouw Van Schaik kwam er bij
staan, met even later enkele kennis-
sen van haar. En die bleken ook weer
kennissen te hebben. Drogist De Vries
liet zijn zaak even alleen en begon de
soldaat minachtend aan te kijken. Ook
aan de overkant stonden toeschou-
wers. Sommigen namen plaats op
de vensterbank van aardappelhandel
Matton, alsof ze in een theater zaten.
Het begon langzamerhand heel gezel-
lig te worden om ons heen. Maar
plotseling klonk er een bevel, alsof er
een peloton aangetreden stond. Een
hese stem riep: “Verschwinden!!”
Iedereen dacht, dat hij zei: “beste
vrienden”. Wij wilden hem een hand
geven, om hem te bedanken voor deze
vriendelijke woorden, maar dat scheen
niet de bedoeling te zijn. Boos om
zoveel onbegrip gaf hij het uiteinde-
lijk maar op, mompelde nog een paar
scheldwoorden en droop wijselijk af.
Zijn pet zat niet helemaal recht en er
kleefde wat straatvuil op zijn rug. Voor
ons leek het, of we een interland had-
den gespeeld, waarbij wij natuurlijk de
winnende thuisclub waren!
De val van Duitsland was een feit.
Hier in de Poortstraat! Het was een
soort voorprogramma. Op het echte
‘happy-end’ moesten we toen nog
ruim een jaar wachten!
Frans Tiland
Veenendaal
De val van Duitsland... in de Poortstraat
Het was voorjaar 1944. Ik
liep met een vriendje vrolijk
in de Poortstraat om een
boodschap te doen. Het was
oorlog, maar welk kind dacht
daar nou aan? Ja, sommige
mensen droegen ineens een
gele ster op hun jas. En in het
Lucas Bolwerk hingen bordjes
met ‘Voor Joden verboden’.
Maar wij dachten, dat het
een soort verkeersbordjes
waren. Net als ‘Verboden voor
auto’s’.
De Oud-Utrechter - Dé gratis krant voor de echte Utrechter
Dinsdag 13 juni 2017
pagina 13
De Poortstraat
Hij was net 20 jaar en durfde het al
aan de prachtige operette, ‘Die schöne
Helena’, met ons in te studeren. En
hoe! We waren onder de indruk dat
zo’n jonge gast het al zo vroeg ‘in
de vingers’ had en het eindresultaat
was geweldig. Hij dirigeerde alsof hij
nooit anders gedaan had. Met zeventig
orkestleden in de bak en nog eens
zestig koorleden, dansers en een flink
aantal solisten op de bühne was het
beslist geen makkelijke opgave. In de
Stadsschouwburg was de grote zaal
twee keer uitverkocht en het publiek
applaudisseerde na afloop de blaren op
de handen. Jan bleef een aantal jaren
bij Grinzing, maar besloot toch, tot
grote teleurstelling van de koorleden,
dat hij ‘verder’ moest.
Wim Sonneveltprijs
Na enige omzwervingen kwam Jan
met een nieuwtje. Omdat hij een
alleskunner is en ook graag iets
uitprobeert, ging hij meedoen aan
het Amsterdams kleinkunstfestival.
“Eens proberen hoe dat is”, zei hij, “ik
denk dat het me wel ligt.” Nou het lag
hem, en hoe! Hij won met glans de
Wim Sonneveltprijs en kreeg óók de
publieksprijs. In de Kleine Komedie
in Amsterdam zaten Cor en ik als
‘fans van het eerste uur’ vol bewon-
dering te kijken en luisteren naar de
prachtige, zelfgeschreven liedjes en,
zoals de recensenten schreven, rustig
en bedeesd gebrachte kolder. ‘Onze
Jan’ werd zelfs vergeleken met de
grote drie, Toon Hermans, Wim Kan
en Godfried Bomans. Retrocabaret
werd het genoemd. Wat een geweldig
compliment!
Jan kwam af en toe even buurten
en een ‘bakkie’ doen. Hij vertelde
hoe het leven van een cabaretier er
uitzag. Hoe makkelijk het spelen in
de ene zaal ging en hoe moeilijk in de
andere. Heel af en toe lichtte hij een
tipje van de sluier op van een nieuwe
sketch en dan lagen we slap van het
lachen om zijn humor. Zijn imitaties
van Koningin Wilhelmina en de paus
waren hilarisch. Via de app kwamen
zijn prachtige nieuwe liedjes binnen,
waar we vaak ontroerd door raakten.
Wat een talent en wat mooi dat hij het
met ons deelde.
Echte vriend
Toen ik mijn boek op een bijzondere
manier wilde presenteren vroeg ik
schoorvoetend of Jan me daarbij mis-
schien muzikaal wilde begeleiden. Dat
deed hij en als verrassing maakte hij
ook nog een prachtige melodie op een
gedicht dat ik geschreven had. Ik zong
het die avond en het was een groot
succes. Na afloop stond er in de foyer
een zigeunerorkest te spelen. Cadeau
van Jan, zo bijzonder!
Helemaal happy was Jan nog niet, dat
merkten we wel. Hij was nog steeds
zoekende naar iets dat diep van binnen
al voelbaar was. De muziek, daar lag
toch zijn hart. Hij componeerde een
symfonie, dirigeerde al een aantal
jaren de weekendopera Utrecht, deed
mee aan dirigentenconcoursen in
verschillende landen en…….werd
ontdekt. Onze Jan, dat jochie dat al zo
jong stond te stralen als dirigent, kreeg
een aanbieding chef dirigent te worden
van de opera in Varna, Bulgarije. Jan
hoefde er niet lang over na te denken.
Hij zei ja.
Het was Moederdag toen we hem met
zijn Bulgaarse gezelschap
konden bewonderen in Ant-
werpen. In de Stadsschouw-
burg daar, met 2000 zitplaat-
sen werd de prachtige opera
Aida van Verdi gebracht.
Helaas was Cor verhinderd,
maar wat een geluk, dochter
Miranda wilde me wel
vergezellen. Na een lekkere
lunch en een wandeling over
de bekende Vogelmarkt was
het dan zover.
Passie
Wat was het indrukwek-
kend en ontroerend. Daar
stond een jonge man die, na
héél veel wikken en wegen,
zijpaden bewandelen, vallen
en opstaan, zijn plek had gevonden.
Hij dirigeerde met passie en dat was
te horen aan de zangers en het orkest.
Hoe blij kan een mens zijn als een
diep gekoesterde wens uitkomt. Die
blijheid bracht hij over aan ons, zijn
publiek. Hij geluksvogel, wij ook!
Begin januari is Jan van Maanen weer
te bewonderen in Tivoli Vredenburg.
De weekendopera Utrecht brengt dan
de opera Tosca ten gehore. Cor en ik
zitten zeker in de zaal. We pakken
iedere kans om onze grote vriend aan
het werk te zien. Jan van Maanen,
onthoud die naam. Kippenvel gega-
randeerd!
Irene Kraaijen-
hagen
Trots op een grote
We kennen hem al meer dan twintig jaar. Onze eerste ontmoe-
ting was bij operettegezelschap Grinzing. Als jong broekie werd
Jan van Maanen, want daar gaat mijn verhaal vandaag over, onze
nieuwe dirigent.
1...,3,4,5,6,7,8,9,10,11,12 14,15,16
Powered by FlippingBook