De Utrechter Week 38 - page 3

Alle buurtbewoners waren op zo’n dag
de feestgangers. De vlaggen werden
tevoorschijn gehaald. Die waren kort
voordien nog gebruikt op de dag
dat Hitler overleed, een nationale
feestdag! Verder toverde een haag
van oranje slingers een straat dan om
in een feestelijke laan. Ook in mijn
straat, de Zandhofsestraat, barstte op
zekere dag de feestvreugde los. Er
werd een podium opgezet met planken,
die niet opgestookt waren en een
heuse versterker, twee luidsprekers en
een microfoon geïnstalleerd. Via een
oude grammofoon klonken daaruit de
stemmen van Vera Lynn, de Kilima’s,
Les Paul, Guy Mitchell, Jim Reeves
en Slim Whitman. Willy Walden zong
het lied ‘Als op het Leidseplein de
lichtjes weer eens branden gaan’. Dat
ging weliswaar over Amsterdam, maar
geen mens, die zich daaraan stoorde.
Veel liedjes mochten in de oorlog niet
worden gezongen, dus als ‘Happy days
are here again’ klonk, brulde iedereen
mee. Het mocht eindelijk weer!
Jo van Rossum was al vroeg zijn bak-
kerij ingedoken, om voor de hele straat
koekjes te bakken, die zo nu en dan
zouden worden uitgedeeld. ‘s Morgens
was er al een soort glijbaan opgezet,
waar een karretje vanaf kon rijden.
In dat karretje moest dan iemand
plaatsnemen, gewapend met een stok.
De punt van die stok moest door een
ringetje worden gestoken. Zat die
ernaast, dan werd het arme slachtoffer
getrakteerd op een volle emmer water!
Lachen, gieren, brullen!
‘Krank’
Niemand dacht nog aan de honger
van amper een jaar geleden en aan
de razzia’s in onze straat. Mijn vader
was toen ‘krank’ op zijn bed gaan
liggen en ontsprong zodoende de dans.
Maar nu stond hij op dat podium, om
als speaker te fungeren en de boel in
goede banen te leiden. Hij kondigde
ieder uur aan, dat er met een bon weer
een consumptie kon worden afgehaald.
Zo vlak na de oorlog waren dat de sim-
pelste dingen, zoals een appel of een
schijf koek. En een koekje van de bak-
ker natuurlijk. Alles vond gretig aftrek.
Bij ons voor de deur, nr 122, werd een
poppenkast opgebouwd, waarachter
een in het zwart geklede meneer plaats
nam. Dat bleek een frater te zijn uit het
fraterhuis in de Herenstraat. Omdat die
man niet mocht trouwen van de Paus,
zocht hij wat afleiding in het spelen
met poppen. Maar de kinderen in de
straat vonden het prachtig, ongeacht
wie er achter zat. De frater dronk in de
pauze bij ons thuis een kopje thee. Een
koekje sloeg hij af, hoewel een koekje
eigenlijk best mocht van de Paus.
Zakkenlopen
Een onderdeel, dat niet mocht ont-
breken, was het zakkenlopen. Een
verplicht nummer voor mij, want mijn
vader had mij van te voren geïnstru-
eerd met die zak niet te lopen, maar te
huppelen. Het resultaat van zijn goede
raad was, dat ik al na twee huppels
struikelde, voorover viel en straatge-
noot Kobus met de prijs ging strijken.
Ik kan daar nu nog heel kwaad om
worden. Ik zie nòg die gemene ze-
gevierende grijns van Kobus, toen ik
uit die zak kroop. Ik heb daarna nooit
meer zak gelopen. En met Kobus had
ik graag nog eens een hartig woordje
willen wisselen!
Late uurtjes
‘s Avonds, toen het al wat donker
werd, ging het feest nog heel lang
door. Ook de kinderen mochten opblij-
ven. Voor het eerst zagen wij buren de
foxtrot dansen of een walsje draaien.
Er was live muziek in de vorm van een
accordeonist, die ijverig probeerde de
nieuwste hits te spelen, zoals ‘Daar
zijn de appeltjes van oranje weer’.
Jammer alleen, dat de akkoorden,
die hij met zijn linkerhand speelde,
bij een ander liedje hoorden, maar
niemand die daarop lette. Er werd ook
nog polonaise gelopen, vanaf bakkerij
Van Rossum tot aan de slager op de
andere hoek, waar met grote letters
te lezen stond: ‘Wat Klaas Feenstra
snijdt is kwaliteit’. Ja, Klaas verkocht
heerlijke worst. Om tien uur begon
een buurvrouw, met twee glaasjes in
haar hand, de hokie-pokie te dansen,
waarbij haar rok afzakte. En schoen-
maker Van Klaveren, die niet zingen
kon, begon vol zelfoverschatting aan
het Wilhelmus. Toen hij bij de tweede
regel op een foute toonhoogte brulde:
“..ben ik van Duitse bloed” , klonk er
een luid boe-geroep. Getroost door zijn
oude moeder droop hij beschaamd af.
Verademing
Juist toen het dus een beetje span-
nend werd, vonden mijn ouders, dat
het voor ons tijd werd naar bed te
gaan. Maar vanuit onze slaapkamer
konden we toch nog een tijdje genieten
van de vrolijke muziek en de steeds
luidruchtiger wordende buurtgenoten.
Zo verliep een gezellig buurtfeest,
een verademing na vijf bange jaren
van honger en ellende. En al bestond
deze dag uit de simpelste dingen,
toch genoten wij met volle teugen
van dit feest, een echt buurtfeest!
De schoenmaker bleef daarna maar
bij zijn leest. Hij zong alleen nog
zachtjes op 5 december, als hij enkele
van zijn schoenen had gezet. En onze
hokie-pokiebuurvrouw? Die liet zich
dagenlang niet meer zien. Eén keer zag
ik haar vermomd even de straat over
rennen naar de bakker.
Frans Tiland, Veenendaal
Buurtfeest als ontlading na bevrijding
De oorlog was nog maar net voorbij. Na een periode van somberheid werd het hoog tijd eens wat
vrolijkheid in het leven te brengen. Het fenomeen ‘buurtfeest’ ontstond. In die tijd kon men nog
gewoon een afsluithek aan de ingang van een straat zetten en een tweede hek aan het eind. Binnen
een mum van tijd was er dan een prachtig feestterrein gecreëerd.
De Oud-Utrechter - Dé gratis krant voor de echte Utrechter
Dinsdag 19 september 2017
pagina 3
Dat ik me een piepklein beetje kan
voorstellen wat een orkaan aanricht,
komt doordat er een jaar of 30 geleden
een stormfront van een paar honderd
meter breedte over Utrecht trok. Ook
over mijn huis. Links en rechts daarvan
stonden woningen die hoger waren dan
die van mij waardoor de dakgoten van
mijn huis tegen zijmuren van de buur-
woningen rustten. Het hemelwater van
de buren kwam ook gedeeltelijk in mijn
goot terecht en toen die overstroomde,
kon het water alleen maar bij mij naar
binnen. Mijn bovenverdieping kwam
onder water te staan, waarna het naar
beneden sijpelde, waardoor het plafond
en de muren op de begane grond een
abstract vochtig motief kregen.
Ik had een brandverzekering die ook
stormschade dekte. En een aparte
kostbaarhedenverzekering voor de 250
uiterst zeldzame langspeelplaten die
ik in de loop der jaren duur gekocht
had. Vrijwel alle platen waren nooit
afgespeeld, want zo’n achterlijke ver-
zamelaar was ik in die jaren; ik wilde
de platen optimaal krasvrij en zonder
slijtage houden. Mijn verzameling had
ik voor 100 gulden per plaat verzekerd
en ik kon wel janken toen bleek dat alle
hoezen van de platen door het regenwa-
ter uit elkaar gevallen waren. Karton-
resten plakten aan de platen en vulden
de maagdelijke groeven. Ik besef maar
al te goed dat een echte overstroming
honderden keren erger is, maar ik kon
hier al niet van slapen.
De verzekering had ik via de Rabobank
afgesloten en die stuurde een taxateur
langs om vast te stellen hoe hoog het
schadebedrag was. De expert was
direct bereid een paar bussen muur- en
plafondverf van goede kwaliteit te
vergoeden. Het leek hem verder rede-
lijk dat een schoonmaakbedrijf mijn
platen professioneel van hoesresten zou
ontdoen en eventuele kromgetrokken
platen weer zo plat als een dubbeltje
zou persen. Een badje met zeepsop,
droog föhnen en alle platen zouden
weer prima afspeelbaar zijn. Dat een
schoongepoetste plaat zonder hoes
geen enkele verzamelwaarde meer
bezit, ging er bij hem niet in.
Omdat ik zijn oplossing niet wilde ac-
cepteren, verwees hij me naar de Rabo-
bank. Die liet me weten dat de bank in
haar functie van verzekeringsbemidde-
laar niet had mogen accepteren dat een
verzameling zeldzame platen verzekerd
kon worden tegen het lage tarief dat er
voor in rekening gebracht was. En dat
ze mij om die reden slechts een paar
bussen verf konden vergoeden. Mijn
diepe weerzin tegen de mentaliteit die
bij banken heerst, heeft een stormscha-
de als oorzaak besef ik, terwijl ik dit
opschrijf. Op Sint Maarten verwacht ik
dat het handjevol slachtoffers dat wèl
een verzekering heeft die stormschade
dekt, na de schadeafwikkeling in staat
zal zijn verzekeraars te wurgen. Ik
hoop oprecht dat ik me vergis.
Stormschade en de verzekering
Ik woonde op de Weerdsingel Oostzijde nummer 12. Mijn vrouw
ook trouwens. Hoe het is om een orkaan te ervaren die over je
huis raast of dwars door je woning heen, kan ik me een heel klein
beetje voorstellen. U weet hoe het is met het voorstellingsver-
mogen; op elk moment kun je het voorstellingsvermogen op stop
zetten om de werkelijkheid die je even verliet opnieuw te betre-
den. Als je echt midden in een orkaan zit kun je die niet afzetten.
Helaas.
HWtje
HWtje
Kinderspel tijdens buurt-
feest
1,2 4,5,6,7,8,9,10,11,12,13,...20
Powered by FlippingBook