Een heer van stand

12 mei 2015, door Fred Wallast

Bij het lezen van het verhaal over bokser Aad Jansen, zag ik op de foto Theo Huizenaar. In mijn herinnering kwam mijn eerste ontmoeting met hem naar boven. In 1970 was ik op eigen verzoek overgeplaatst van de geuniformeerde dienst van de politie naar het Bureau Bijzondere Wetten. Wij waren gevestigd in het E.N-gebouw op de Coolsingel, vijfde etage boven de KLM. Intern kon je geplaatst worden bij de groep Wapenwet of de groep Drankwet. Ik zat bij de laatste groep, een veel omvattende dienst.Met uitzondering van twee man Drankwet, ging iedereen om 17.00 uur naar huis. Mijn mentor was geoorloofd afwezig en als een kat in een vreemd pakhuis, was ik alleen in de avonddienst. Het bureau hielden we ongeveer tot 19.30 uur open. Service en dienstverlening stonden hoog in het vaandel en de portier van het E.N-gebouw hield daaraan vaak een goede sigaar over. Die avond dat ik alleen was, kwam de heer Huizenaar binnen  en hij zag direct dat ik een nieuweling was. Hij kwam een vergunning halen voor een bokswedstrijd in Odeon. Ik keek hem aan alsof ik water zag branden en zei dat dit bij de burgemeester moest worden aangevraagd. “Nee”, zei hij, “dat gaat allemaal via deze afdeling, maar dat geeft niet, ik ga je helpen.”  Daarna zei Theo: “Het belangrijkste is, dat ik hier het proces-verbaal van de boksbond heb. Daarin staat precies het aantal wedstrijden vermeld en de scheidsrechter(s) en nog belangrijker wie de ringarts is. Er zijn twee plaatsen gereserveerd voor de twee rechercheurs van die avond, want die moeten aanwezig zijn.” Toevallig bleek ik de avond van de wedstrijd avonddienst te hebben. Tot slot zei hij: “De blanco vergunningen liggen in die kast en in het geldkistje ligt een bruine enveloppe met mijn naam erop. Daar zit altijd genoeg geld in om de legeskosten te betalen. Doe het op je gemak en gooi hem vanavond maar in de brievenbus van mijn huis, dat doen je andere collega’s ook, wanneer ze op horecacontrole gaan.” Duidelijker had hij niet kunnen zijn en ik heb alle voorwaarden in de vergunning goed bestudeerd, want ik verwachtte nog een overhoring op de bewuste boksavond. Maar alles was toen en ook later tot in de puntjes geregeld. Een eigen ordedienst, met, in mijn ogen, wat oudere mannen met duidelijk gezag. Ze hielden wel oogcontact met ons, met een duidelijke knipoog. Wat ik in het begin vervelend vond, was dat op onze stoelen overduidelijk Politie stond. Later bleek dat helemaal niet zo gek, want in de pauze, werd je vaak aangesproken, want je was één van hen. De verstandhouding met de heer Huizenaar en zijn medewerkers, bleef optimaal. Het Kralingse Bos, was voor mijn vaste koppelmaat en mij, het uitgesproken hardloopgebied. We kwamen Theo soms tegen en maakten dan snel een praatje, want hij gaf al gauw het advies: “Jongens, niet te lang stilstaan, dat is slecht voor de spieren. Je moet goed voor jezelf zorgen.” Zulke mannen, waren er gelukkig meer in mijn Drankwet-loopbaan en zij hebben ervoor gezorgd dat het prettig dienen was.

Aad de Knegt


Dé gratis krant voor
de vijftigplusser!

Advertenties
Samen wonen is socialer wonen (SOR)