Natuurlijk het Pijnackerplein

12 november 2015, door Fred Wallast
Pijnackerplein noodwinkels

De noodwinkels op het Pijnackerplein waarover Jan schrijft (foto Voet)

Zoals ik al eerder over de Vinkenstraat geschreven heb en in De Oud-Rotterdammer gepubliceerd over het oude noorden, heb ik ook nog heel wat herinneringen aan het Pijnackerplein.

Op het plein en in de muziektent was het leuk spelen, ook al mocht je er niet in; het kleine hekje was geen belemmering. Doordat er genoeg ruimte was, kon je er lekker voetballen en ook de meisjes deden wel eens mee; ik heb daar voor het eerst gezoend, een blijvende herinnering. Ik herinner mij ook dat er nog een tijdje enkele noodwinkels hebben gestaan, een klein straatje met misschien zes à acht winkels (na de oorlog). Ook heel bekend was de beestenmarkt of, zoals wij zeiden, de kippenmarkt die daar eenmaal per week werd gehouden; ik dacht in het begin van de week. De boeren uit de omgeving van Rotterdam kwamen er hun levende have, zoals kippen, eenden, konijnen en ik dacht ook geitjes aanbieden. Ook werden er klompen en eieren verkocht op het plein en natuurlijk was het voor de jeugd uit noord een feest er rond te lopen.

Pijnackerplein bankje

Rond de muziektent op het Pijnackerplein gebeurde van alles, maar je kon er ook lekker op een bankje uitrusten (foto Voet)

Op het plein stond of staat nog steeds het elektriciteitshuisje met de klok erboven en vroeger met twee openbare toiletten aan beide zijkanten (kom daar nu nog eens om). Het staat aan de Benthuizerstraat en het was een sport voor ons jongens er bovenop te klimmen; op het dak zat je dan uit het zicht achter een muurtje. Ik herinner mij een winter met heel veel sneeuw en de groep jongens werd in tweeën verdeeld; een groep óp het huisje om het fort, zoals wij dat noemden, te verdedigen en de andere groep viel ons dan aan met sneeuwballen. Totdat de politie kwam; dan moest je maken dat je weg kwam, anders zat je op je vrije woensdagmiddag of zaterdag in de strafklas van de Noordsingel op het politiebureau strafregels te schrijven, 100 maal:  ik mag niet op het elektriciteitshuisje klimmen.

Joop Witkamp uit Barendrecht schrijft in een van de kranten over verdwenen straatspelen en dat diefje met verlos alleen in Feijenoord gespeeld werd. Nou, bij ons in het noorden ook hoor, evenals het gezamenlijk touwspringen met de meiden met een groot touw, zodat er een boel tegelijk konden springen. Er was dan een lied dat altijd werd gezongen, maar dat ik niet helemaal meer weet. Het begon zo:

Anna moest eens wachten
Wachten op haar man
‘S nachts om 12 uren kwam die smeerlap an
Goedenavond Anna goedenavond Jan
Waar ben je gebleven?
Waar kom jij vandaan?

Het was natuurlijk veel langer, maar misschien weten de ouderen de tekst nog en dan hoor ik het wel.
Ach, het was na de oorlog voor de jeugd een onbezorgde tijd. De ouders moesten hard werken voor de wederopbouw en wij konden lekker op straat schooieren. Nu zit de jeugd op het schermpje te turen van ipod of telefoon; daar is niks op tegen, want ik gebruik het zelf ook, maar het moet geen verslaving worden die je dwingt iedere paar minuten teb kijken of er wat op staat. Dit waren wat overpeinzingen van:

Jan de Munnik
jan.de.munnik@chello.nl

 


Dé gratis krant voor
de vijftigplusser!

Advertenties
Het Welzijnswarenhuis