Skip to main content
Green Button

Ingezoomd

donderdag 7 mei 2026

Van de hel in de hemel in de schoolbanken

Wat een aardig verhaal van Martin Stikkelorum over zijn oude schooltijd las ik in de Oud Rotterdammer van een paar nummers geleden. Aansluitend daaraan kan ik ook nog wat belevenissen […]
De schoolklas van Corrie Gelderman met meester Esmeijer. (Foto: privécollectie Corrie Gelderman.)

Wat een aardig verhaal van Martin Stikkelorum over zijn oude schooltijd las ik in de Oud Rotterdammer van een paar nummers geleden. Aansluitend daaraan kan ik ook nog wat belevenissen ophalen en vertellen over mijn schooltijd.

Ik ben geboren in 1938 in de Roodenburgstraat in Overschie. Vier of vijf jaar later, het was inmiddels oorlog, zou ik naar de kleuterschool hebben gemoeten gaan, maar de scholen in Overschie waren bezet door de Duitse soldaten.

Wat later heb ik nog een poosje kleuterschool gehad in het Verenigingsgebouw van Overschie. Veel materiaal was er niet, maar ik heb geleerd om muizentrapjes et vouwen van papieren stroken en matjes te vlechten. Er was vast meer en we hebben ongetwijfeld kinderliedjes gezongen, maar dat herinner ik me niet meer. Toen het warmer weer werd hebben we nog wel in een grote zandbak gespeeld in de achtertuin van het gebouw.

Het hoofd van het schooltje was Juffrouw Pluim, een wat stijve vrouw van onbepaalde leeftijd. Ik heb vanaf mijn achtste jaar heb ik van haar nog pianoles gehad, saai en oubollig. Met dertien jaar wilde ik stoppen en nooit heb ik meer een toets aangeraakt.

Volle laag

Na de oorlog moest ik naar de Latere School en dat werd de Christelijke Groen van Prinsterer school, ook in de Roodenburgstraat. Hand in hand liep ik met mijn vriendin Gerda (nog steeds mijn vriendin) dapper dat grote gebouw in. We kwamen in de klas bij Juffrouw Booster, die onze klas drie jaar zou leiden (en laten lijden). Zij was een gefrustreerde ongehuwde vrouw en soms zelfs vals. Ik kon goed mee en had er misschien daarom niet zoveel last van, maar de wat zwakkere, soms onzekere, wat nerveuze kinderen kregen de volle laag. Als iets haar niet zonde tikte ze met haar ring of met een potlood op hun hoofdjes of op hun rug. Ik was een vrolijk en wat praatgraag kind en eens had ze mij ook ter pakken. Ze kneep met haar hand mijn kaken bij elkaar en schudde me zo door elkaar dat ik knikkend moest toegeven dat ik iets verkeerds had gedaan. Ik was het daar niet mee eens en eigenwijs probeerde ik weerstand te bieden, maar tegen die harde handen kon ik niet op. Je vergeet dat nooit meer.

Verzonnen verhaal

Ik denk dat het van klas twee naar klas drie was dat wij voor in de Grote Vakantie de opdracht kregen om elke dag de tafels tot tien uit te schrijven. Daar had ik dus helemaal geen zin in. Tijdens die vakantie speelden we buiten of deden we spelletjes binnen, Ook gingen we naar het zwembad, waar we onszelf zwemmen leerden.

Terug op school zag ik dat veel kinderen een stapeltje papieren bij zich hadden en ik had niets. Ik had alleen een slim, ter plekke verzonnen verhaal: “Ik wist niet dat ik het moest inleveren”. “Heb je het wel gemaakt?” “Natuurlijk”, jokte ik en ik kwam ermee weg, maar of ze me geloofde?

In klas vier kwamen we van de hel in de hemel, bij Meester Esmeijer, een nieuwe jonge en aardige man, die ook boeiend kon vertellen. We hebben met de klas nog zijn trouwen meegemaakt. De rapporten van de wat zwakkere leerlingen werden zowaar meteen ook beter.

Maar toen naar klas vijf, naar Meester de Jong, Dat was een al wat oudere en chagrijnige en heel strenge man. We zaten dus op de School met de Bijbel en op een dag, tijdens het bijbel lezen zag hij dat ik iets zei tegen het meisje naast me in de bank. O jé, dat was goed mis, Bijbelschennis, schandalig, hoe durfde ik dat, hup, achter in de klas staan en met je gezicht naar de muur. Ik stond daar een poosje en waarschijnlijk door alleen dag grote witte vlak voor me, werd ik misselijk en gaf ineens over. Daar schrok hij van. Ik mocht gelijk door een ander kind naar huis worden gebracht.

Vanaf die klas kregen we ook gymles van een wat zonderlinge man. Hij liet ons vooral elegante pasjes doen, een soort ritmische gymnastiek. Op de een of andere manier wist hij dat ik pianoles had, dus ik moest de boel maar gaan begeleiden op de daar staande piano. Balen, want ik deed veel liever mee. Ik ben er dan ook na een aantal weken mee gestopt.

Zwemles

In de zomertijd gingen we met de klas naar het zwembad en daar kregen de kinderen zwemles, Gerda en ik konden al zwemmen en hadden dat uurtje grootste pret. Ook hadden de meisjes handwerken en de jongens handenarbeid. Gerda en ik vonden het heerlijk. Wij deden dat thuis ook al veel. Daarom kregen we extra opdrachten. Het leverde het hoogste cijfer op mijn rapport op.Tenslotte werd het de zesde klas, bij het hoofd der school, de heer van Gorkum. Onze klas was gesplitst en ik moest in het deel voor “doorleren”. Dat was al een zeer moderne methode , maar of het juist was, vraag ik me af.

Verkiezingstijd

Meester van Gorkum was een zeer serieuze, strenge, maar toch aardige meester. Ik heb bij hem wel een flinke schuiver gemaakt. Het was bij een les over politiek en misschien wel in een verkiezingstijd. Ik wist nog niets van politiek, maar ik ving wel eens wat op. Hij vertelde toen iets over een Christelijke partij en vroeg aan de klas wie er nog een partij kende. Enthousiast stak ik mijn vinger op en zei: “de Partij van de Arbeid”. Helemaal fout… Ik dacht dat hij ontplofte. Komt dit je bekend voor? Tja, het is lang geleden en de mensheid is nog steeds niet wijzer geworden.

Corrie Gelderman

hancogel@kpnplanet.nl

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *